Beeldschermwerk

Wat verstaan we onder beeldschermwerk?
De risico’s die verbonden zijn aan beeldschermwerk
De wettelijke vereisten op het gebied van Beeldschermwerk
Verdere informatie
Het voeren van effectief beleid op het gebied van beeldschermwerk
Bronaanpak hanteren bij het kiezen van maatregelen

Wat verstaan we onder beeldschermwerk?

Binnen het Rijk is sprake van ‘beeldschermwerk’ wanneer werknemers op een werkdag twee uur of meer aan of met een beeldscherm werken. De definitie van beeldscherm is daarbij breed: dit kan zijn een standaard computerscherm, maar ook een laptop/notebook scherm of een scherm van een handcomputer.

De risico’s die verbonden zijn aan beeldschermwerk

Een steeds groter deel van het werk bestaat uit het verwerken van informatie met behulp van elektronische apparatuur. Uiteraard gaat het dan om het werken met het traditionele beeldscherm en toetsenbord, maar er komen steeds meer middelen bij. Denk daarbij aan gebruik van lap top, palmtop, mobiele telefoons met vele functies, navigatiesystemen, enz. Ook is het gebruik van deze middelen steeds minder plaatsgebonden: er kan overal gewerkt worden via draadloos internet/GPS.
Deze veranderingen veroorzaken risico’s zowel op lichamelijk gebied (werken in een bepaalde werkhouding, inspanning van de ogen) als op mentaal vlak (leren gebruiken van de systemen, hoeveelheid te verwerken informatie, de tijd en druk die het werk met zich meebrengt (je hebt het werk altijd bij je). In sommige gevallen kan dat leiden tot overbelasting met als gevolg lichamelijke klachten of psychische klachten.
Het onderdeel Beeldschermwerk van de arbocatalogus richt zich met name naar de maatregelen die je kunt treffen om te voorkomen dat er lichamelijke problemen ontstaan door het beeldschermwerk.

De wettelijke vereisten op het gebied van Beeldschermwerk

Het wettelijke kader voor de regelingen voor beeldscherm- en kantoorwerk is opgenomen in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling.

Het ontstaan van lichamelijke problemen door beeldschermwerk is niet los te zien van de psychische belasting van het werk. Of intensief beeldschermwerk tot klachten leidt wordt namelijk voor een belangrijk deel bepaald door de psychische belasting die het werk met zich meebrengt. De fysieke inrichting of de middelen waar mee gewerkt wordt zijn niet bepalend voor het risico op klachten. De te treffen maatregelen hebben zowel betrekking op de inrichting van de werkplek, de middelen waar gewerkt wordt (inclusief de software) als ook de organisatie van het werk. Wat de organisatie van het werk betreft worden een aantal arbo afspraken nader omschreven. In dit kader is ook de bepaling (ARAR artikel 71) dat de werknemer en de werkgever het onderwerp werkomstandigheden in het functioneringsgesprek moeten bespreken van belang. 

Het voeren van effectief beleid op het gebied van beeldschermwerk

Deze arbocatalogus reikt middelen en maatregelen aan om het arbobeleid, per departement, op het gebied van beeldschermwerk invulling te geven. In de arbocatalogus zijn zoveel mogelijk concrete middelen aangegeven. Het inzetten van deze middelen is pas echt effectief, wanneer dit is ingebed in een planmatig arbobeleid dat is gebaseerd op een heldere visie. Zoals voor alle onderwerpen zijn ook voor beeldschermwerk de volgende onderdelen vereist in de beleidscyclus:
De werkgever brengt in kaart bij welke werkzaamheden of functies (risicogroepen) intensief met beeldschermen wordt gewerkt en waar zodoende risico’s in de organisatie kunnen optreden (Risico Inventarisatie & Evaluatie).
Bij de (her)inrichting van de werkplek, de inkoop van de middelen waar mee gewerkt wordt en bij de organisatie van het werk besteedt de werkgever expliciet (geborgd) aandacht aan een optimale ergonomie.
De werkgever evalueert tenminste jaarlijks met de medezeggenschap of de vereiste bescherming effectief is en of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. Ook wordt bekeken of er veranderingen zijn opgetreden of gaan optreden die om extra aandacht vragen. Op basis hiervan wordt een nieuw plan van aanpak opgesteld.
In het jaarplan mogen de volgende onderdelen niet ontbreken:
Voorlichting, instructie en oogonderzoek voor nieuwe werknemers of werknemers die voor het eerst beeldschermwerk gaan verrichten.
Nieuwe ontwikkelingen die invloed hebben op het werken met beeldschermen en waar aandacht voor dit arboaspect geboden is (denk aan inrichting van werkplekken, andere manier van organiseren van het werk, nieuwe software, nieuw meubilair, nieuwe computerapparatuur).
Het aanbieden van voorlichting, instructie en oogonderzoek aan zittende medewerkers als herhaling/onderhoud.
Werken de werknemers op een veilige manier en maken zij goed gebruik van de maatregelen en middelen die beschikbaar zijn?
Concrete maatregelen voor situaties die in de evaluatie van het voorafgaande jaar of uit de risico-inventarisatie en evaluatie naar voren zijn gekomen als ‘onvoldoende beheerst’.
Het aanbieden van hulp aan werknemers die vragen hebben op het gebied van veilig en gezond werken met beeldschermen.

Bronaanpak hanteren bij het kiezen van maatregelen

In deze arbocatalogus treft u Arboafspraken aan die tussen werkgevers en werknemers vertegenwoordiging zijn gemaakt. Daarnaast treft u ArbohandRIJKingen aan die worden toegepast om de bovengenoemde onderdelen van het arbobeleid voor het werken met beeldschermen concreet vorm te geven. Hierbij is wettelijk voorgeschreven dat het risico zoveel als mogelijk bij de bron aangepakt wordt. Bij het treffen van maatregelen hebben maatregelen die collectief bescherming bieden voorrang boven maatregelen die het individu beschermen.

Bijvoorbeeld: het verbeteren van de software heeft voorrang boven het aanbieden van aangepaste invoermiddelen. Praktisch gezien leidt dit tot de volgende aanpak:

  • Elimineren: Is het mogelijk het werk zodanig in te richten dat de werkbelasting niet te intensief is (dus minder dan twee uren beeldschermwerk per dag). Denk daarbij aan organisatie van het werk, aanpassingen in de werkmethode, het type software, e.d.
  • Beheersen: Als structureel veel beeldschermwerk onvermijdelijk is, dan worden hoge eisen gesteld aan het inrichten van voorlichting en instructie, toezicht houden, bewaken van werktijd en rust/pauzetijd en de technische inrichting van de werkplek en beschikbare apparatuur (ergonomische eisen).
  • Monitoren/evalueren: Ter borging worden aanvullende maatregelen ingezet waarmee wordt bewaakt dat medewerkers niet overbelast raken, zoals periodiek arbeidsgezondheidkundig onderzoek ter opsporing van eventuele gezondheidsklachten, het gebruik van pauzesoftware die de intensiteit van het beeldschermwerk bewaakt eb het Medewerkers tevredenheidsonderzoek.